De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk

Terug naar zoekresultatenDeel deze publicatie

Adviesrapport toezicht op de Algemene Regel Keur 2013

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Adviesrapport toezicht op de Algemene Regel Keur 2013

Rechten: Alle rechten voorbehouden

Samenvatting

Per 9 april 2013 is bij Waterschap Aa en Maas de 5e versie van de Keur ingegaan, de Keur 2013. Een groot verschil tussen deze Keur en de Keur hiervoor (Keur 2011) is de toename van algemene regels. Zo is men van 7 algemene regels in de Keur van 2011 naar 30 algemene regels gegaan. Dit is een forse toename. Het Waterschap heeft dan ook verzocht om een adviesrapport op te stellen waarin wordt onderzocht hoe het toezicht hierop zo kan worden afgesteld, dat er op een goede manier invulling kan worden gegeven aan de waterbelangen van Waterschap Aa en Maas.
Momenteel wordt er door districten niet procesmatig toezicht gehouden op meldingplichtige activiteiten. De oorzaak hiervan zit voornamelijk in het feit dat de districten niet goed op de hoogte worden gebracht van ontwikkelingen rondom deze meldingen. Dit is naar voren gekomen tijdens gesprekken met verschillende gebiedsbeheerders van districten. De districten hebben aangegeven dat ze het wenselijk vinden om over deze meldingen geïnformeerd te worden.
Om een advies uit te brengen over de manier waarop het Waterschap het toezicht op de nieuwe meldingen uit kan voeren, is naar knelpunten gezocht die de invoer van de nieuwe Algemene regel met zich mee kan brengen. De gevonden knelpunten zijn;
 De toename van meldingplichtige activiteiten (de algemene regels)
Door de grote toename van meldingplichtige activiteiten wordt door vergunningverleners van het Waterschap een toename van ingediende meldingen verwacht. Het is dan van belang deze systematisch te verwerken zodat het overzicht goed wordt bewaard.
 Districten zijn niet op de hoogte van meldingen
Gezien districten momenteel niet op de hoogte worden gesteld van meldingen, komt het regelmatig voor dat medewerkers van het district tijdens hun werkzaamheden buiten mensen onterecht aanspreken. Zo worden burgers benaderd tijdens de uitvoering van een meldingplichtige activiteit met de vraag of ze een melding hebben gedaan. Wanneer dit het geval is komt het slordig over van het Waterschap gezien de medewerker hiervan niet op de hoogte was.
 Hoe zal het toezicht moeten worden afgestemd op de gedane meldingen
Hoe kan het toezicht op de toename van de algemene regels het beste worden afgestemd.
Voor deze knelpunten zijn verschillende oplossingsmogelijkheden onderzocht. Voor sommige knelpunten zijn er meerdere gevonden en bij één knelpunt, de toename van meldingplichtige activiteiten, bleek gedurende het onderzoek dat hier geen problemen worden verwacht. Om een voorkeursvariant op te stellen uit de oplossingsmogelijkheden voor de overgebleven knelpunten zijn met Waterschap Aa en Maas criteria opgesteld. De criteria waaraan de voorkeursvariant moet voldoen zijn:
 geen extra personeel;
 geen nieuwe middelen;
 de uit te voeren taken blijven bij de personen die ze reeds in hun takenpakket hebben;
 de oplossing snel ingevoerd/uitgevoerd kan worden (ongeveer 2 maanden na oplevering van dit rapport).
- 3 -
De uiteindelijke voorkeursvariant voldoet aan deze criteria. Voor het knelpunt van de toename van de meldingen blijkt dat de huidige manier van werken nog steeds zal voldoen. Dit is door de vergunningverleners aangegeven. Het is van belang dat de meldingen duidelijk en volledig in WaterPro worden weggezet (de softwaredatabase van Waterschap Aa en Maas).
Voor de oplossing van het tweede knelpunt, de districten op de hoogte houden van nieuwe meldingen, zal ook WaterPro worden gebruikt. Dit programma kan zo worden ingesteld dat wanneer een meldingplichtige activiteit is behandeld, het een mailnotificatie stuurt naar een ingestelde mailbox. Zo kan het programma dusdanig worden ingesteld dat het de locatie van de activiteit herkent en vervolgens de mailnotificatie naar het desbetreffende district verstuurt. Op deze manier wordt per melding een bericht verzonden naar het belanghebbende district. Zij zijn dan op de hoogte van nieuwe activiteiten.
Voor het laatste knelpunt is de kennis en expertise van de districten geraadpleegd. Middels een enquête (bijlage I) hebben de districten gekeken naar de artikelen van de nieuwe Algemene regel. Ze zijn gevraagd per artikel aan te geven met welke frequentie ze de meldingen zouden controleren en tot in welk detail (bijvoorbeeld dat het district 7 van de 10 meldingen zou controleren op een bepaald artikel en met detail 3 van schaal 1 tot en met 5). Zo zijn er per district waarden ontvangen en kon er per district een spreidingsgrafiek worden gegenereerd waarin de prioriteiten van de meldingen te zien zijn. Zo zijn de belangrijke en minder belangrijke meldingen duidelijk in beeld gebracht en kan hierop, in combinatie met de bij WaterPro ingestelde mailnotificatie, het toezicht worden afgestemd. Dit zou zelfs effectiever kunnen wanneer het Waterschap bij (door de districten als belangrijk aangegeven) meldingplichtige activiteiten het voorschrift geeft dat men bij aanvang een signaal af moet geven aan het bijbehorende district. Zo weet het district precies wanneer de activiteit wordt uitgevoerd en kan hier gericht een toezichthouder op afsturen.
Bij deze oplossingsmogelijkheden worden er naar verwachting geen extra kosten gemaakt omdat de middelen en manschappen reeds aanwezig zijn bij het Waterschap. Het programmeren van de Workflows in WaterPro valt binnen de taken en uren van de beheerders van het programma. Wanneer dit correct is ingesteld en de districten op de hoogte zijn van de ontwikkelingen, kan het toezicht efficiënter worden toegepast. Voor het uitvoeren van het toezicht en handhaving voldoet de huidige handhavingstrategie. Zo zullen categorie II overtredingen voornamelijk door districten worden behandeld en categorie I en 0 overtredingen door de handhavers van het hoofdkantoor.
Behalve dat er wordt gekeken hoe het toezicht op de nieuwe Algemene regel kan worden uitgevoerd, is ook gekeken hoe het door burgers op eigen initiatief doen van meldingen kan worden bevorderd. Gekeken is naar de mogelijkheden die er zijn om meldingen in te dienen en verbeteringspunten. Daarnaast is ook gekeken naar wat mogelijk is wanneer men geen melding doet, maar de activiteit wel heeft uitgevoerd. Een advies is om bij de website van Aa en Maas een begrippenlijst bij de vergunningcheck te zetten. Zo kunnen burgers de voor hen onbekende termen snel en gemakkelijk opzoeken.
Wanneer er een meldingplichtige activiteit niet is gemeld maar wel uitgevoerd, kunnen BOA’s (buitengewoon opsporingsambtenaren) van het Waterschap hier een bestuurlijke strafbeschikking op schrijven. Dit zou dan een voorbeeldfunctie kunnen hebben voor toekomstige meldingplichtige activiteiten. Degene die ze uit wil voeren beseft dan wat de gevolgen kunnen zijn wanneer een activiteit niet wordt meldt.

Toon meer
OrganisatieAvans Hogeschool
OpleidingEnvironmental Science for Sustainable Energy and Technology-Breda
AfdelingATGM Academie voor de technologie van Gezondheid en Milieu
PartnersWaterschap Aa en Maas te 's-Hertogenbosch
Datum2013-06-14
TypeBachelor
TaalNederlands

Op de HBO Kennisbank vind je publicaties van 26 hogescholen

De grootste kennisbank van het HBO

Inspiratie op jouw vakgebied

Vrij toegankelijk